Column Jelmer Ferwerda Sportnieuws

Column Jelmer Ferwerda: Wielerfilosofie – een essentie





In mijn laatste column ‘Wielerfilosofie’ schreef ik over een aantal zaken. Ik had het over de wielrenner die blij is dat het seizoen erop zit, ik noemde de kijker die van februari tot en met oktober gekluisterd zit aan de buis en ik had het over de mannen en vrouwen die zorgen voor de omkadering van het team en ik eindigde met de vraag: ‘Wat is de essentie van de wielersport’? En daarmee vroeg ik me eigenlijk af, waarom mensen – jong, oud, arm, rijk, man, vrouw, transgender – wakker worden met het idee om uren en uren te gaan fietsen en of daar bij willen horen of naar de sport gaan kijken. Waarom? Waarom willen we bij die wielercultuur horen? Ik vraag het me niet af uit naam van onze lieve heer, want wijlen Fausto Coppi zei ooit: God heeft wel wat beters te doen dan het helpen van een wielrenner. Hij weigerde dan ook ooit het kruisteken te maken na een overwinning. Een heerlijke uitspraak van een wielergrootheid, want…

Het tekent de mate van zelfkennis en nederigheid van Fausto Coppi in die tijd. Hij wist wat zijn plaats was. Niet alleen in het wielerpeloton, maar ook daarbuiten, want religie was in de tijd dat Coppi fietste (voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog) iets wat bij het leven van de gewone man hoorde. Sinds de secularisering in de jaren zestig a zeventig is de kijk op de wereld van mensen veel vrijer geworden en dat heeft impact op de maatschappij van nu, want ik denk dat veel mensen in de wielercultuur, een wereld vinden waarin de wereld juist weer overzichtelijker is. Ik kan een mooi voorbeeld noemen: De Vlaamse wielercoryfee en commentator José de Cauwer was op bezoek bij het hypertalent Remco Evenepoel, zo meldde hij tijdens het verslag doen van het WK. Voordat Evenepoel wielrenner was voetbalde hij bij PSV en Anderlecht en hij is gaan wielrennen, omdat hij in de wielerwereld meteen zijn plaatst wist. In een voetbalteam heb je altijd de strijd om het grootste ego. De Cauwer voegde daaraan toe: ‘Vraag aan een groep van honderd mensen wie zich zelf als de beste beschouwd in een bepaalde discipline en niemand zal zichzelf bij de laatste twintig plekken zetten, maar laat deze honderd mensen een berg oprijden met een fiets en ze weten gelijk hun plaats.’

Waarom spreekt de wielerwereld nog meer aan? Laat ik het anders stellen: Wat is in de wielerwereld te vinden voor dat kleine dappere jongetje of meisje, voor die kijker, voor die ploegleider of sponsor? Naast een prestatie, een smak geld en amusement is het denk ik een wereld waarin veel meer te vinden is dan laatstgenoemde zaken. Het is een wereld waarin je snel weet wat je waard bent, zoals ik al in vorige alinea noemde. Het is een wereld waarin vriendschappen worden geboren en uitdagingen niet uit de weg worden gegaan. Zie de fietstocht van Tim Wellens en Thomas de Gendt van het noorden van Italië, naar hun thuisfront in België. Het is een wereld waar men elkaar helpt in noodsituaties, zoals de vermissing van ploegleider Steven de Jongh afgelopen maandag, waarin renners op Twitter massaal opriepen tot hulp en ook hulp boden. Uiteindelijk hielp de app Strava mee aan het vinden van de Jong, zodat hij ‘s avonds alweer thuis op de bank kon zitten, naast zijn vrouw. Het is een wereld waarin vele mooi dingen gebeuren. Het is een overzichtelijke weerspiegeling van de echte wereld en daar krijgen we allemaal wat van mee.

Tot slot wil ik zeggen dat dit niet dé essentie is, maar een essentie. Iedereen heeft immers zijn eigen verhaal na de race.

Geef een reactie