Pyeongchang 2018 Schaatsen Sportnieuws

Koen Verweij houd zich niet bezig met Russische dopingperikelen

PYEONGCHANG – Schaatser Koen Verweij houd zich in Pyeongchang niet meer bezig met de dopingperikelen bij de Russische ploeg. Dat zegt Verweij in gesprek met NU Sport.

“Ik heb me inmiddels helemaal afgesloten van de zaak van de Russen”, aldus Verweij dinsdag na zijn training in de Gangneung Oval. “Dat weet het Russische team ook. Vorige week, na afloop van ons trainingskamp in Japan, hebben we met z’n allen overlegd en heb ik gezegd dat ik me alleen nog maar bezig ging houden met mijn Olympische Spelen. Ik heb ook geen contact meer met de Russische schaatsers, alleen nog met Kosta.”

De 27-jarige Alkmaarder besloot voor het olympische seizoen dat hij mee ging trainen met de Russische ploeg van coach Poltavets, die hij nog kende van hun gezamenlijke tijd bij de TVM-ploeg. Verweij kan niet ontkennen dat de afgelopen maanden soms lastig zijn geweest, omdat hij als Nederlander in de Russische ploeg vaak werd gevraagd naar zijn mening over de dopingzaak.

“Laten we zeggen dat ik niet altijd de makkelijkste interviews heb gehad, en dat ze ook niet altijd even positief waren. Maar dat is in de loop van dit seizoen wel wat veranderd. Het hoort er allemaal bij en ik ben er ook wel goed in om me af te sluiten voor randzaken.”

In Zuid-Korea sluit hij nu aan bij de groep van Hill, met onder meer de Australische sprinter Daniel Greig en de Belg Mathias Vost√©. “De huidige situatie is niet nieuw voor mij”, zegt Verweij. “Rond de NK afstanden en het olympisch kwalificatietoernooi heb ik ook met Desly en haar groep op het ijs gestaan. Het zou mooi zijn geweest als Kosta hier was, maar dat is niet zo en nu doe ik het hier mee.”

“Ideaal is mijn voorbereiding op de Spelen niet geweest, maar dat komt ook doordat ik vorig seizoen nog niet vol heb kunnen trainen. Maar ik denk met wat ik dit seizoen heb gedaan, en met wat ik heb laten zien in het voorseizoen, dat ik hier een heel snelle tijd neer kan zetten op de 1500 meter. En dan wordt het voor alle andere schaatsers heel lastig.”